De waterbestendige planeet


Jane Tynan
07.03.2026

Voorbereiding

Tijdens de voorbereiding op een reis naar Irak ontdekte oorlogsverslaggever Kenneth Rosen tot zijn verbazing dat zijn kogelwerende vest niet kogelvrij was. Toen het beschermende vest per post arriveerde, zei zijn vriend, een veteraan uit het leger, iets alarmerends: ‘Niets is kogelvrij. Het is alleen kogelwerend.’ 1 Angel Armour, een Amerikaans bedrijf dat beschermende middelen levert aan wetshandhavers en hulpverleners, biedt op hun website verschillende gradaties van lichaamsbescherming aan. Maar ze voegen er een waarschuwing aan toe: geen enkel kogelwerend product op de markt kan echt als kogelvrij worden beschouwd.2 Bommen en kogels zijn niet de enige externe krachten waartegen we ons verdedigen; we bereiden ons ook voor op weersomstandigheden. De afgelopen decennia heeft hoogwaardige, weerbestendige kleding de verkoop van outdoor-artikelen een boost gegeven. Inmiddels is het uitgegroeid tot een miljardenindustrie die naar verwachting in de toekomst nog verder zal groeien.3

In dit korte artikel onderzoek ik weerbestendigheid als symptoom van sociale relaties in het Antropoceen. In mijn huidige onderzoeksproject Synthetic Adventures: (un)sustainability and (dis)comfort in the design, making and use of outdoor clothing onderzoek ik de relatie tussen klimaat en kleding sinds de opkomst van synthetische materialen. Daarin bekijk ik hoe belichaming en gevoel kunnen leiden tot kledingkeuzes met een hoge CO2-uitstoot. De oorspronkelijke betekenis van ‘proof’ ligt in het testen of beproeven van sterkte, en werd uiteindelijk uitgebreid van ‘proof of’ (bewijzen) naar ‘proof against’ (weren).4 In het middeleeuwse en vroegmoderne Engeland zien we ‘bewijs van’ (bewijsmateriaal) samensmelten met ‘weren tegen' (bescherming) in een test die wapensmeden gebruikten om hun vakmanschap te tonen. Ze schoten pijlen en kruisboogbouten af​​ om de ondoordringbare kwaliteit van hun uitrusting aan te tonen, waarbij ze 'bewijs'-plekken achterlieten met gradaties zoals ‘full-proof’ en ‘half-proof.’5

Oorspronkelijk verwijst het naar technologieën om de veiligheid van militairen te verbeteren, maar inmiddels is ‘proofing’ ook een gangbare term geworden voor procedures om lichamen in diverse omgevingen tegen schade te beschermen. ‘Proofing’ betekent versterken. Denk aan het waterdicht maken van gebouwen, wegen en boten, wat zich ontwikkelde in diverse wetenschappelijke processen om water af te stoten. Het leidde tot een enorme toename in waterafstotende verfstoffen, vernissen, kleding en cosmetica.6 Maar een object ‘waterdicht’ noemen betekende slechts dat het regen kon weerstaan. Moderne waterdichte jassen begonnen met een rubberen Macintosh-stof, maar de uitvinding van een reeks nieuwe textielsoorten luidde een scala aan opwindende nieuwe weerbestendige kledingstukken in.

Comfort

Industrieel geproduceerde waterafstotende kleding 'beschermt' het lichaam tegen atmosferische omstandigheden, maar de culturele betekenis ervan kan misschien het best worden verklaard aan de hand van het begrip ‘comfort.’ Dit woord wordt namelijk opvallend vaak gebruikt in reclames voor outdoorartikelen. Volgens Tomas Maldonaldo is comfort een modern idee dat de toename van ruimtes voor toevlucht, privacy en geborgenheid omschrijft.7 Het idee van comfort, voorheen een privilege van een kleine groep, verspreidde zich tegelijkertijd met de sociale en technologische vooruitgang van de negentiende eeuw.8 Steeds meer mensen voelden dat ze recht hadden op een hoog niveau van comfort en gingen dit ook verwachten. Maar, zoals Daniel Barber betoogt met betrekking tot de verspreiding van mechanische airconditioning, heeft de nadruk op dit antropocentrische comfort begrip de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen vergroot.9 In de zoektocht naar menselijk comfort is design gaan samenwerken met kapitalisme en schadelijke patronen van energiegebruik, wat heeft geleid tot klimaatverstoring.10 De industriële productie van synthetische textielmaterialen, wat de basis vormde voor de vooruitgang in waterafstotende kleding, droeg bij aan de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen tussen 1945 en 2015, een periode die John McNeil en Peter Engelke de “Grote Versnelling” noemen.11

Tegenwoordig zijn synthetische vezels symptomatisch voor de verstrengeling van de kledingindustrie met de fossiele-brandstofindustrie en de complexe milieuriscico’s die daaruit voortvloeien.12 Sterk afhankelijk van op petroleum gebaseerd textiel voor waterbestendigheid, boden nieuwe stoffen voor outdoorkleding – waaronder polyester, nylon, Teflon en Gore-Tex – consumenten lichtere, goedkopere en kleurrijkere kledingstukken. Inmiddels kennen we de milieugevaren van grootschalige productie van synthetische materialen, maar het gangbare verhaal benadrukt nog steeds de menselijke drang om betere, slimmere, lichtere, sterkere, ademendere en steeds duurzamere outdoorkleding te maken. Het gebrek aan regelgeving weerspiegelt de prioriteiten van de industrie. Alleen toxische stoffen zoals PFAS, de zogenaamde ‘forever chemicals’, zijn serieus onder de loep genomen, wat heeft geleid tot plannen van de EU om ze uit te faseren.

Bescherming

De drang om kleding waterdicht te maken voor ongunstige weersomstandigheden is niet nieuw. Eeuwen voordat synthetische materialen hun intrede deden, was het gebruik van rubber op ruwe stof of behandelingen met bijvoorbeeld olie of plantaardige en dierlijke oplossingen gangbaar. Speciale weeftechnieken, vilten en koken waren ook effectief; het zware en dichte weefproces voor wollen frisé bijvoorbeeld, zorgde niet alleen voor warmte, maar absorbeerde ook vocht, waardoor het lichaam eronder relatief droog bleef. De opkomst van synthetische materialen maakte een einde aan oudere methoden voor weerbestendige kleding. Met de vooruitgang in synthetische polymeren en waterafstotende coatings betrad de vormgeving het domein van de wetenschap, wat leidde tot de opschaling van de industrie van hoogwaardige hydrofobe textielmaterialen.
Het onderzoek naar polymeren, een baanbrekende technologie in de geschiedenis van klimaatregulerende kleding, heeft onze verwachtingen van weerbestendige kleding verhoogd. Nu duiden trendy woorden als performance (prestatie) en durability (duurzaamheid) op in complexe processen waarbij waterafstotende synthetische weefsels worden gecoat met waterdichte membranen. Net als bij de middeleeuwse wapensmeden, coderen outdoormerken gradaties in de vorm van ‘waterdichtheidsclassificaties’ – gestandaardiseerde beschrijvingen van hoe goed een stof water kan weren. Fabrikanten testen en beproeven ook regenjassen, waaronder Gore Intl, waarvan de productontwikkelaars Gore-tex prototypes in een 'stormkamer' plaatsen om hun weerstand tegen nat weer te testen. Krantenkoppen zoals “Dag paraplu: hoe je voor altijd droog blijft” of “De wetenschap achter droog blijven” weerspiegelen de bereidheid van de media om de testapparatuur van de industrie te tonen.13 Het test-regime van de industrie betrekt lifestyle-schrijvers bij het heersende narratief van angst voor het weer en lichamelijk ongemak: “9 beste waterdichte damesjassen voor elk weertype: geprobeerd en getest.”14 In outdoor-magazines schetsen krantenkoppen de outdoor-ervaring als een strijd tussen het weer en synthetische regenkleding: “We hebben de beste waterdichte jassen aan het weer blootgesteld.” 15 Zoals Vladimir Jankovic suggereert, kan het wetenschappelijke discours van de outdoor-industrie het vertrouwen van de consument winnen, maar de drang om de prestaties van kledingstukken voortdurend te verbeteren, schetst het weer als iets dat getemd, overstegen of geneutraliseerd kan worden.16 Op de website van Nike vat “De beste regenkleding om nat weer te overwinnen” dit wensdenken samen. Alsof een regenjas niet enkel een regenjas is, maar een overwinning van wetenschappelijke rationaliteit over atmosferische omstandigheden.17 Bovendien zijn de vergelijkingen tussen deze taal van strijd en verovering en de oorsprong van de ontwikkeling van polymeermaterialen in militair onderzoek treffend.
De innovatie op het gebied van waterdichtheid waar outdoor-merken van profiteren, werd nieuw leven ingeblazen na de Tweede Wereldoorlog, toen chemische bedrijven de polymeertechnologie van militair gebruik naar de consumentenmarkt overdroegen.18 Het Amerikaanse Du Pont, bijvoorbeeld, was oorspronkelijk een belangrijke fabrikant van explosieven, maar ging zijn synthetische materialen op de consumentenmarkt richten. Een van die innovaties was een zachte, elastische versie van nylon voor de productie van kousen.19 Maar wellicht nog belangrijker voor naoorlogse hang naar comfort was een sterk, waterafstotend nylon materiaal, dat tijdens de oorlog werd gebruikt voor militaire parachutes, maar vervolgens de consument bereikte in de vorm van de alledaagse, met plastic gecoate nylon regenjas. Synthetische waterdichting was de technologie waarvan we niet wisten dat we het nodig hadden.

Crisis

Er wordt wel eens gesuggereerd dat de klimaatcrisis zich zal manifesteren als een reeks kleine crises totdat er geen weg meer terug is. Huidige crises zoals de opkomst van extreemrechts, blanke suprematie, verkiezing manipulatie en complottheorieën, om er maar een paar te noemen, komen samen rond klimaatontkenning. Maar vasthouden aan oude gewoonten biedt geen bescherming tegen de gevolgen van klimaatverandering zoals natuurrampen, extreme weersomstandigheden, watertekorten, ontheemding en conflicten. Militaire bescherming en het comfort van shell-jassen vullen de leegte, maar slechts tijdelijk. Het Britse merk Vollebok positioneert zichzelf als “overlevingskleding van de toekomst” en verkoopt milieuvriendelijke kleding voor avontuur zoals de 'Deep-Sleep Cocoon', een microhabitat om de drager te beschermen tegen externe krachten, of de door NASA geïnspireerde ‘Electromagnetic Shielding Bomber.’20 Hun avontuurlijke, maar paradoxaal genoeg risicomijdende verhaal weerspiegelt de paranoïde stijl die zo kenmerkend is voor dit deel van de kledingindustrie. Het discours over comfort wordt nieuw leven ingeblazen door ontwerpen die anticiperen op de atmosferische effecten van de ineenstorting van ecosystemen, alsof het lichaam de laatst overlevende zal zijn in een sombere, toekomstige hel. Interviews met oprichters zijn doorspekt met gesprekken over extreme weersomstandigheden, een oververhitte planeet, de utopische versmelting van kleding en technologie, en het vooruitzicht van ruimtevaart.21 Technische uitrusting kan fantasieën vervullen over het technologisch versterkte post-menselijke lichaam, maar het vasthouden aan voorgegeven kapitalistische groeimodellen en technologische oplossingen biedt geen soelaas tegen de onzekerheid van het weer. Door het menselijk lichaam te herpositioneren als grensgebied, revitaliseert de hyperbolische taal van weersvoorbereidingen de uitzonderlijke kracht van de mens met paranoïde visioenen van het leven op aarde. De consumptiecultuur wordt steeds somberder.
De technieken om iets ‘waterdicht’ te maken zijn indrukwekkend, maar de ecologische gevolgen van het ontwikkelen van textielmaterialen gaan verder dan het loutere gebruik van een regenjas. Het raakt de ethiek van het dagelijks leven. De trend van waterdicht maken is wellicht niet anders dan de toename van het autogebruik sinds het midden van de twintigste eeuw, die ook sterk leunde op het culturele verlangen naar veiligheid en comfort. Zoals Tony Fry waarschuwt, moeten we aandacht besteden aan de gevolgen van de objecten die we creëren, gezien hun vermogen om onze relatie met het klimaat vorm te geven.22 Niets is echt waterdicht of kogelvrij, maar dat gevoel van strijdbaarheid verkoopt producten. Het is een gebruikelijke reactie op een klimaatverandering die hunkert naar de ultieme overheersing. Proofing is een treffende metafoor voor de verdedigende, zelfbeschermende, al te menselijke reacties op een veranderende omgeving; reacties die kogelwerende vesten en militaire jassen normaliseren om onze lichamelijke grenzen te bewaken. Naarmate mijn onderzoek naar weerbestendige kleding vordert, zal ik dieper ingaan op de sociaal-technische denkbeelden die deze koolstof-intensieve manieren van leven en belichaming aandrijven. De micro-praktijk van proofing speelt een grote rol in dat verhaal.


_____
Jane Tynan is Assistant Professor of Design History and Theory in the Faculty of Humanities at Vrije Universiteit Amsterdam. Her NWO-funded 4-year project explores the relationship between climate and clothing focusing on high-performance technical clothing design at a time of growing weather uncertainty.
_____
This article was first published in printed issue of Platform Pudding #1, centered on the theme of proof and published in March 2026.


Notes

1. Kenneth R. Rosen, Bulletproof Vest (Bloomsbury) 2020.
2. “What is a Bulletproof Vest,” Angel Armour, accessed 31 January 2026:
3. US spending on outdoor goods reached over 862 billion dollars in 2021. Europeans spent 6.1 billion euro in 2022, with 2.8 billion on apparel alone. Source: Outdoor Industry Association, 2022; European Outdoor Group, 2023.
4. Oxford English Dictionary, “proof (adj. & n.),” etymology, meanings and use. September 2025; “proof (n.)” Etymonline: Online Etymology Dictionary.
5. Gary Watt Dress, Law and Naked Truth (Bloomsbury, 2015) 58-59.
6. Oxford English Dictionary, “waterproof (n.),” etymology, meanings and use. September 2025.
7. Tomas Maldonado and John Cullers, “The Idea of Comfort,” Design Issues, 8, 1 (1991): 35-43.
8. John E. Crowley The Invention of Comfort: Sensibilities and Design in Early Modern Britain and Early America (John Hopkings University Pess, 2001).
9. Daniel Barber Modern Architecture and Climate. (Princeton University Press, 2020) 16, 267.
10. Andreas Malm Fossil Capital: The Rise of Steam Power and the Roots of Global Warming (Verso 2016) 393
11. John R. McNeil and Peter Engelke, The Great Acceleration: An Environmental History of the Anthropocene since 1945 (Harvard University Press, 2014).
12. Andrew Brooks, Kate Fletcher et al. “Fashion, Sustainability, and the Anthropocene,” Utopian Studies, 28, 3 (2017): 482–504.
13. Mark Miodownik, “Bye Bye Brolly: how to stay dry forever,” The Guardian, 5 January 2014; “The Science of Staying Dry,” Valley Peak, accessed 31 January 2026:
14. Clare O’Reilly, “9 best women’s waterproof jackets to weather any storm: tried and tested,” The Independent. 5 January 2026.
15. “We pitted the best waterproof jackets against the weather.” Great Outdoors,accessed 31 January 2026:
16. Vladimir Jankovic, “The End of Weather: outdoor garment industry and the quest for absolute comfort,” in Weather, Local Knowledge and Everyday Life, in Vladimir Jankovic and Christina Barboza (eds.) Weather, Local Knowledge and Everyday Life: Issues in Integrated Climate Studies (MAST, 2009) 172-180.
17. “The Best Rain Gear to Conquer Wet Weather” NIKE website, accessed 31 January 2026:
18. Rachel Gross, “From Buckskin to Gore-Tex: Consumption as a Path to Mastery in Twentieth-Century American Wilderness Recreation,” Enterprise & Society, 19, 4 (2018): 826-835; Rachel Gross, Shopping All The Way to the Woods: how the outdoor industry sold nature to America (Yale University Press, 2024); Paul Roshan, High Performance Technical Textiles (London: John Wiley, 2019).
19. David A. Hounshell, and John Kenly Smith, Science and Corporate Strategy: Du Pont R&D (Cambridge University Press, 1988); Regina Blaszczyk, ‘Styling Synthetics: DuPont’s Marketing of Fabrics and Fashions in Postwar America.’ The Business History Review, 80, 3 (2006): 485-528.
20. “vollebak ‘deep sleep cocoon' is built for the first expedition to mars,” Design Boom, accessed 31 January 2026:
21. Tom Vanderbilt, “What the World Needs Right Now is Clothing made for Mars,” Outside, 28 June 2022:
22. Vollebok home page, accessed 31 January 2026:
23. Tony Fry, Design Futuring: Sustainability, Ethics and New Practice (Bloomsbury, 2018)